De balans opgemaakt
Gepubliceerd door redactie op maandag 1 februari
In Q&A magazine constateert inspecteur hoger onderwijs Ingrid Wijgh dat aan het einde van de eerste cyclus van het accreditatiestelsel kan worden vastgesteld dat meer werk wordt gemaakt van de kwaliteitszorg binnen opleidingen en instellingen ("De balans opgemaakt", febr 2010).
Wijgh: 'De NVAO bleek een lerende organisatie en de VBI’s en instellingen leerden mee. Voor de een was de stap naar accreditatie groter dan voor de ander. Natuurlijk waren er, zeker in het begin, ook minder positieve zaken, maar voor de meeste daarvan zijn in goed overleg tussen betrokkenen oplossingen gevonden.'
Evaluatie
Als toezichthouder op het stelsel van hoger onderwijs heeft de Inspectie van het Onderwijs in de loop der tijd voldoende kennis over de werking van het stelsel opgebouwd om deze vraag te kunnen beantwoorden. De inspectie baseert zich daarbij voor een groot deel op de evaluaties die zij in 2005-2007 heeft uitgevoerd.
In haar onderzoek heeft de inspectie vertegenwoordigers van universiteiten en hogescholen systematisch bevraagd op hun ervaringen met, en meningen over het accreditatiestelsel. Deze informatie heeft zij aangevuld met meningen van koepelorganisaties, studentenorganisaties en de NVAO, zoals deze tijdens bijeenkomsten, in notities of in de pers naar voren zijn gebracht.
Impuls
Volgens Wijgh heeft accreditatie zeer zeker voor een impuls gezorgd op het gebied van kwaliteitszorg. Wijgh: 'Het is aannemelijk dat daarmee ook de kwaliteit van opleidingen over de hele linie verbeterd is. Het verbeteren van de kwaliteit onttrekt zich nu echter aan het publieke oog; het vindt voornamelijk in het voortraject van de accreditatie plaats en is een zaak tussen opleiding en VBI. Het systeem is ook nog niet helemaal "waterdicht"; in een enkel geval moest de inspectie tussentijds ingrijpen vanwege kwaliteitsfalen.'
'We kunnen constateren dat de NVAO zich in korte tijd een belangrijke plaats heeft verworven in de Nederlandse en Vlaamse kwaliteitszorg in het hoger onderwijs. Niet alle doelen zijn echter even royaal bereikt. Aandacht blijft geboden voor de internationale dimensie, de internationale benchmarking en zeker voor de profilering van opleidingen. De tweede cyclus van het stelsel mag zich niet blijven beperken tot het vaststellen van de basiskwaliteit', aldus Wijgh.

Reacties
Reactie door Jetse Siebenga op 29 januari 2010 om 11u57
De inspecteur stelt dat kwaliteitsverbetering zich nu aan het publieke oog onttrekt, dit magazine en de website lijken me goede middelen om kwaliteitsverbetering in het HO onder de aandacht van een breder publiek te brengen! De implicaties van het stelsel kunnen dan ook verder reiken dan alleen het hoger onderwijs, het accreditatiestelsel als middel van kwaliteitsbewaking kan als voorbeeld dienen voor andere (publieke) sectoren, waarin de bestuurlijke traditie van de lage landen (autonomie en medebewind) een hernieuwde, evenwichtige invulling krijgt. De artikelen en columns in dit magazine ontluiken gelaatstrekken van een zelfbewust smoelwerk als het gaat om kwaliteitsverbetering in het hoger onderwijs. Dat kan zijn uitwerking op andere publieke sectoren niet missen. Wat te denken van kwaliteitsverbetering binnen politiekorpsen of gemeentelijke overheden? Net als het hoger onderwijs krijgen zij steeds meer te maken met toenemende internationalisering en Europees beleid. Het accreditatiestelsel beantwoordt op unieke wijze aan de spanning die bestaat tussen internationalisering enerzijds en lokaal zelfbestuur anderzijds.